Het Internet of Things – kroniek van een aangekondigde dood?

Meer dan 400 bedrijven hebben nu al een eigen platform ontwikkeld voor het Internet of Things en daar komen nog wekelijks nieuwe oplossingen bij. Het heeft iets van een goudkoorts, zegt Christoph Papenfuss van OSIsoft, die in een opmerkelijk opiniestuk uitlegt dat de vooropgestelde aanpak geen kans van slagen heeft.

Die IoT-Plattform ist tot” is de titel van het opiniestuk dat Christoph Papenfuss, regional sales manager bij OSIsoft, deze week publiceerde. De man is gespecialiseerd in Business Analytics en heeft zich de afgelopen jaren dan ook stevig verdiept in de wereld van Industrie 4.0, Big Data en het Internet of Things. Dat zo iemand het einde van IoT voorspelt, is op zijn minst opmerkelijk.

Het punt dat hij maakt is dat technologiemarkten wel vaker beginnen met een verticale oplossing, maar dan geleidelijk aan evolueren naar een horizontaal model. Het meest gekende voorbeeld hiervan is de evolutie in IT van mainframes naar personal computers.

Het Internet of Things is opnieuw een typisch voorbeeld van zo een verticale aanpak. Wat vooropgesteld wordt is dat straks alle sensoren en actuatoren gekoppeld worden aan de cloud, waar alle gegevens samengebracht en geanalyseerd worden om processen efficiënt te kunnen aansturen.

In de praktijk is dat weinig realistisch, stelt Papenfuss. Een iet of wat industrieel bedrijf heeft al snel 100.000 I/O’s, wat gewoon te veel is om in één enkel platform te bewaken. Daarnaast zijn de verschillende processen die bewaakt moeten worden zo verschillend dat geen enkel systeem in staat is om elk probleem op een efficiënte manier op te lossen.

Weinig of geen nut

Overigens is dit niet de eerste keer dat het einde van het IoT voorspeld wordt. Vorig jaar schreef de CTO van Perfecto, een bedrijf dat softwaretesten via de cloud aanbiedt, naar aanleiding van de gerenommeerde technologiebeurs CES een opiniestuk met als titel “The death of the IoT”.

Hij had op CES honderden voorbeeld gezien van IoT devices voor de consumentenmarkt die allemaal wel leuk waren maar helaas weinig of geen enkel nut hadden. Een geconnecteerde broodrooster, bijvoorbeeld – het doet de levenskwaliteit niet echt toenemen.

Zijn punt over het IoT was echter veel fundamenteler. Er zijn effectief heel wat toepassingen waarin geconnecteerde devices wel degelijk zin hebben. Denk maar aan traffic management, home automation of medische toepassingen. Het probleem is dat deze drie en de vele andere toepassingsdomeinen verder niets met elkaar te maken hebben. Het heeft dus ook geen zin om ze alle samen te brengen onder die ene IoT vlag, laat staan ze allemaal in een zelfde platform aan elkaar te koppelen.

Toenemende specialisatie

Voor alle duidelijkheid: beide heren zien wel degelijk een toenemende digitalisering en betwisten in geen geval de mogelijkheden die dat biedt. Maar het uitgangspunt dat alle data eerst moet worden samengebracht in de cloud om er dan daar verder mee te werken, is gewoon fout. Het probleem bepaalt waar het zal worden opgelost, stelt Papenfuss.

Bovendien ziet men in de bedrijfswereld een toenemende specialisatie waarbij sommigen zich toeleggen op heel specifieke componenten terwijl anderen focussen op globale processen of marktsegmenten. Dat leidt tot een horizontaal model waaraan het IoT zich zal moeten aanpassen om in elk van deze aspecten de beste oplossing te kunnen bieden.

© Productivity.be, 23/02/2018


Feel free to share

Agenda

Kunststoffen 2018, Koningshof Veldhoven, 26-27/9/18
WoTS, World of Technology & Science, Jaarbeurs Utrecht, 2-5/10/18
ABISS, Apps, software & solutions, Kortrijk Xpo, 4/10/18
Solids Antwerp 2018, Antwerp Expo, 17-18/10/18

Meer


Productivity.be

is een publicatie van
Redactiebureau ConScript

Contact

Erwin Vanvuchelen
+32 (0)475 64 99 34
erwin@conscript.be
erwinvanvuchelen