Autosector vraagt betrouwbaar, technologieneutraal wetgevend kader


Politieke overheden maken mogelijks een fout door volop in te zetten op elektrische auto’s – een fout die schadelijk kan zijn voor de automobielindustrie. Dat werd vorige week met zoveel woorden gezegd op de Europese Green Transformation Summit die georganiseerd werd in het kader van de Europese week van regio’s en steden. De sector vraagt een betrouwbaar, technologieneutraal wetgevend kader.

In de psychologie wordt het de “illusory truth effect” genoemd – het feit dat we zaken zonder nadenken als waarheden gaan aannemen wanneer ze vaak genoeg herhaald worden. Dat komt omdat stellingen die vaak herhaald worden, onbewust deel gaan uitmaken van het referentiekader waartegen we nieuwe stellingen aftoetsen om ze te beoordelen. Als we iets al vaker gehoord hebben, passeert het quasi automatisch de filter die anders tot kritische bedenkingen zou moeten leiden. Het is gewoon des mensen, en we zijn er allemaal in meer of mindere mate gevoelig voor. In de politiek is herhaling een vaak gebruikte propagandatechniek en ook marketing professionals gebruiken het in slogans en baselines die advertenties sieren.

De stelling dat elektrische auto’s de toekomst zijn zou ook wel eens een voorbeeld kunnen zijn van het illusory truth effect. De stelling wordt tegenwoordig zo vaak herhaald dat ze bijna een axioma geworden is. De hype rond autobouwer Tesla is daar allicht voor een stuk verantwoordelijk voor. Maar in het geval van Tesla is het meteen ook een mooie illustratie van het gebruik van herhaling als propaganda- en marketingtechniek. Het bedrijf heeft er alle belang bij om de idee te promoten dat elektrische auto’s onze laatste kans zijn om de mensheid van de ondergang te redden.

En nu we ons toch in de psychologie aan het verdiepen zijn – er is nog een andere wetmatigheid die de huidige focus op elektrische auto’s mee kan verklaren, namelijk: wiens brood men eet, diens woord men spreekt. Over heel de wereld zien we dat politieke overheden heel erg mee zijn met de stelling dat elektrische auto’s de toekomst zijn, wat zich vertaalt in subsidies en een wetgevend kader in het voordeel van die technologie. Voor bedrijven in de sector is het dan ook logisch dat ze mee die kaart kiezen.

Het is een wat lange – en misschien iets te filosofische – aanloop om aan te geven dat het opmerkelijk is dat de sector vorige week zelf aangaf dat we in Europa misschien een fout maken door iets te nadrukkelijk in te zetten op elektrische auto’s als oplossing om de klimaatdoelstellingen te halen. Des te meer daar die uitspraak gedaan werd op de Green Transformation Summit – een conferentie op initiatief van Europa waar Europa zelf en een aantal regionale overheden hun ambities inzake e-mobiliteit uitspraken.

Green Deal en digitalisering

Dat de automobielindustrie momenteel een diepgaande transitie doormaakt, valt niet te ontkennen. “Wat niet zo lang geleden sciencefiction leek, is nu realiteit”, zei Europees commissaris Johannes Hahn in zijn inleidende speech op de Green Transformation Summit. “Er zijn nu zelfrijdende auto’s en bussen die niet langer worden aangedreven met fossiele brandstoffen.”

Tegelijk staat de automobielindustrie momenteel erg onder druk, wat nog versterkt wordt door de COVID-19 problematiek. Hahn benadrukt dat Europa werkt aan budgetten om de industrie te helpen. Dat bekijkt hij niet als het opvullen van gaten maar als investeringen in de toekomst.

En zo komen we bij de ambitieuze klimaatdoelstellingen van Europa dat de CO2-uitstoot tegen 2030 met meer dan de helft wil terugdringen en tegen 2050 een volledig klimaatneutrale economie wil. Een derde van het Europese budget gaat naar de bestrijding van klimaatverandering, zegt Hahn, en mobiliteit is hierin een van de belangrijkste thema’s.

Europa ziet de Green Deal en digitalisering als strategie voor groei, en wil op basis hiervan een verdere transitie in de automobielindustrie ondersteunen.

Volledig spectrum aan technologieën

En dan was het de beurt aan Sigrid De Vries, secretaris-generaal van CLEPA – de Europese vereniging van toeleveringsbedrijven in de automobielsector. Zij bevestigde dat de sector momenteel door een moeilijke periode gaat: “Sinds de lockdown in maart zijn er al 100.000 jobs verdwenen – de helft bij OEMS en de andere helft bij toeleveranciers. Dat is nog maar het topje van de ijsberg.”

“En ondertussen moet er ook volop geïnvesteerd worden in R&D, want de sector zit inderdaad in de belangrijkste transitie die ze ooit heeft meegemaakt. Door de Green Deal en de digitalisering is niets nog traditioneel.”

Sigrid De Vries wijst ook op het economische belang van de sector: “De toeleveranciers stellen 1,7 miljoen mensen tewerk in Europa, bovenop de 1,2 miljoen die bij de OEMs zelf werken. De bijdrage aan de economie bedraagt gemiddeld 4% terwijl ze in sommige regio’s oploopt tot meer dan 10%.”

De vereniging van toeleveringsbedrijven bevestigt de klimaatambities volop te ondersteunen maar is bang dat de huidige transformatie tot een disruptie zal leiden waarbij mogelijkheid om te investeren in mensen en R&D beknot worden:

“We vragen een ambitieus, maar ook betrouwbaar en technologieneutraal wetgevend kader”, zegt Sigrid De Vries. “De huidige wetgeving is heel erg gefocust op de uitlaatpijp van auto’s wat in de praktijk tot één type oplossing leidt, namelijk elektrificatie. Dat is volgens ons niet de slimste aanpak. De wereld heeft een volledig spectrum aan technologieën en energiebronnen nodig. Daarin zitten elektrische voertuigen op batterijen, maar ook verschillende vormen van hybrides, brandstofcellen en ook koolstofarme en koolstofvrije brandstoffen. We onderlijnen het belang van een eerlijk debat over hoe de klimaatdoelstellingen te realiseren.”

Biobrandstoffen

Ook Jonas Strömberg van SCANIA ging in de daaropvolgende lezing dieper in op de alternatieven voor elektrische voertuigen en het belang dat ze kunnen spelen, zeker voor zwaardere voertuigen zoals trucks en bussen. Vandaag worden die nog voor 95% aangedreven door fossiele brandstoffen en met een gemiddelde levensduur van deze voertuigen van 13 tot 20 jaar is het een hele uitdaging om de CO2 emissies te halveren in 10 jaar.

Strömberg verwijst naar het voorbeeld van Zweden dat in Europa momenteel het verst staat in decarbonisatie. De eerste focus ligt er op de zoektocht naar meer efficiënte transportsystemen en voertuigen, zegt hij. Dan pas komt elektrificatie, maar ook de overstap naar biobrandstoffen.

Jonas Strömberg: “Stockholm heeft momenteel de grootste vloot ter wereld inzake biobrandstoffen omdat er resoluut is ingezet op “waste to fuel” technologieën. Terwijl wereldwijd 95% van alle organisch afval op stortplaatsen terechtkomt, wordt het in de regio rond Stockholm ingezameld en verwerkt om biogas te produceren. Dat is niet zozeer een technologische uitdaging maar wel een kwestie van het opzetten van systemen en infrastructuur om de inzameling mogelijk te maken.”

Het is een alternatief dat meer aandacht verdient omdat het de grootste CO2-besparing per geïnvesteerde euro oplevert, meent Strömberg. En er is een mooie baseline om het verhaal kracht bij te zetten want het afval van 1000 inwoners kan een bus een jaar lang van brandstof voorzien.

© Productivity.be, 18/10/2020


Feel free to share


3D printen

Productoverzichten:
Machines voor plasticsMachines voor metaal
Technologieën:
FDMSLASLSSLMBJMJDEDEBM
Populair in 3D printen:
Barstjes in 3D printermarkt?
Design voor additive manufacturing
Afwerking van 3D geprinte werkstukken


Productivity.be

is een publicatie van
Redactiebureau ConScript

Contact

Erwin Vanvuchelen
+32 (0)475 64 99 34
erwin@conscript.be
erwinvanvuchelen